Deel 1 van een 5-delig dwaalgesprek over hoofd- en hartzaken.
Beste Hans,
Volgens mij zit jij helemaal vast in niet-weten. Kom uit je hoofd! Luister naar de wijsheid van je hart! Vergeet het denken! Durf te voelen!
Beste Babs,
Gevoel genoeg hier hoor. Dat ik meer over gedachten schrijf, komt doordat mijn thema niet-weten is. Zou je niet even nagaan of je leuzen wel van toepassing zijn op degene die je aanschrijft voor je begint te scanderen?
Babs: Oei, pardon. Jij denkt niet dat je helemaal vastzit?
Hans: Niet in weten, niet in weteloosheid. Niet in voelen, niet in gevoelloosheid. Niet in denken, niet in gedachteloosheid. Niet in vastzitten, niet in loslaten. Niet in wijsheid, niet in dwaasheid. Niet in mijn hoofd, niet in mijn hart – niet dat ik weet. Jij?
Babs: Wat sla jij hoger aan, het verstand of het gevoel?
Hans: Geen van beide. Verstand en gevoel trekken altijd samen op, of je wilt of niet. Het hoofd is het hart, ze zijn onafscheidelijk. Zelf kan ik ze tenminste met geen mogelijkheid uit elkaar houden. Geen gedachte zonder gevoel, geen gevoel zonder gedachten en geen idee wie wie aan het lijntje houdt. Jij?

Babs: Ik wilde je niet in een hokje stoppen, hoor. Ik neem mijn woorden terug. Omdat mijn hart me dat nu ingeeft. ;-)
Hans: Stop me gerust in een hokje als je je daar beter door voelt. Ik stop ook iedereen in een hokje, zonder enige vorm van proces. En laat ze er aan de achterkant meteen weer uit. Dat is het voornaamste verschil met vroeger, toen ik mensen erin opsloot en de sleutel weggooide.
Babs: Ik heb een bloedhekel aan hokjesdenkers. Ik hou van vrijdenkers.
Hans: Zei de hokjesgeest.
Babs: Hoezo?
Hans: Je maakt onderscheid tussen het hoofd en het hart, verwerpt het eerste en verkiest het tweede. Je maakt onderscheid tussen de hokjesdenker en de vrijdenker, verwerpt de eerste en verkiest de tweede.
Babs: Verdraaid.
Hans: Geeft niks. Ieder levend wezen maakt onderscheid. Zelfs Anthonius Jozef, mijn demente vader, had in al zijn verwarring nog een hokjesgeest, net als Robert Francis Prevost, om eens een paus te noemen, net als Tenzin Gyatso, om eens een dalai lama te noemen. Apen houden van bananen, slangen van konijnen, muggen van mensen, zaadcellen van eitjes, witte bloedlichaampjes van ziektekiemen, colibacteriën van poep enzovoort.
Leven is overleven. Overleven is indelen en oordelen. Vriend of vijand? Mannetje of vrouwtje? Voedzaam of giftig? Lekker of vies? Nuttig of nutteloos? Veilig of gevaarlijk? Symbiont, commensaal of parasiet?
Hoe fijner het brein, hoe fijner de grein. Hoe feller het hart, hoe verder apart. Hoe groter de vreugd, hoe dieper de smart. Het indelen en oordelen zit ingebakken in ons genoom, noem het een erfstuk, noem het een erfzonde.

