Zomaar een zaterdag, met twee ervaringen die mij bewust maken van mijn positie als outsider. Bij veel van wat ik als deelnemer in de samenleving doe, heb ik zo ongeveer alles onder controle en geldt het perspectief van de insider. Ik weet hoe ik me moet gedragen. En dan ineens, binnen een paar uur, word ik twee keer hardhandig van insider tot outsider gemaakt. Ik moet onder ogen zien dat verbubbeld leef.
De eerste ervaring is tamelijk prozaïsch. Onze buitenlamp is stuk. Onze jongste zoon komt kijken wat er aan de hand is. Het ding blijkt niet te repareren. We gaan samen naar een bouwmarkt voor een nieuwe. De parkeerplaats is al overweldigend druk en groot, maar als ik binnenkom, ben ik pas echt onder de indruk. Mijn zoon legt uit dat dit maar een kleine bouwmarkt is. Ik probeer me voor te stellen hoe een nog grotere eruit ziet.
Na enig zoeken vinden we de buitenlampen. Zo’n dertig modellen roepen allemaal tegelijk: ‘Neem mij mee!’. We nemen de tijd voor een weloverwogen keuze. We hebben ook een nieuwe schakelaar nodig. Alweer treffen we een brede keuze aan. Die is dit keer een gangpad lang. Deze bouwmarkt pepert mij overduidelijk in dat mijn identiteit in deze context die van een outsider is. Mijn bewondering, als theoretisch geschoolde, voor de praktisch geschoolden neemt sterk toe.
’s Avonds hebben we een concert van het Amsterdams Andalusisch Orkest. Jaren geleden zagen we een indrukwekkende toneelvoorstelling over het lot van asielzoekers bij langdurig verblijf in AZC’s. Datzelfde orkest zorgde toen zeer fraai voor de muziek. Dus besloten we naar dit concert te gaan.
We belanden in een zaal die vooral gevuld is met Marokkaanse Nederlanders. Misschien was dat te voorzien, want het orkest zal, samen met twee zangers, Arabische filmmuziek ten gehore brengen. Nu vinden we muziek uit die regio best leuk, al moeten de oren altijd even wennen. Maar desondanks werd duidelijk dat wij daar als witte mensen tot een minderheid zaten te behoren.
Het mooie ervan was natuurlijk dat mensen die in onze samenleving tot een minderheid gerekend worden, bij dit concert een overduidelijke meerderheid vormden. Al voor het concert heerste een sfeer van een grote reünie. Tijdens het concert bleken sommige liederen zo bekend dat mensen die meezongen. Tegen het eind van de avond stonden mensen op om mee te dansen met de muziek. Dit concert maakte van mij voor de tweede keer die dag een outsider.
Bovendien werd weer eens duidelijk hoe multicultureel onze samenleving is geworden. Sommige mensen zullen op een andere manier hebben ontdekt dat je ‘eigen’ samenleving zo veranderd is dat je in de rol van outsider terecht komt. En natuurlijk zijn er politici die dan stemmenwinst ruiken, alsof je de samenleving weer mono-etnisch zou kunnen maken door de grenzen te sluiten. Die politici moeten echt eens naar een concert van het Amsterdams Andalusisch Orkest.
Zowel in de bouwmarkt als bij het concert speelt mijn beperkte betekenistoekenning een centrale rol. Omdat ik het taalveld en de gewoonten van die twee specifieke situaties niet ken, word ik al snel een outsider. In beide gevallen moet ik mijzelf identificeren als iemand uit een minderheid, tussen mensen die thuis zijn op een plek waar ik de vreemdeling ben.
Als theoretisch geschoolde en als witte man werd ik op mijn nummer gezet. Aan den lijve ervoer ik dat de samenleving zo divers is dat ik als academicus echt af moet van het gevoel tot de toonaangevende elite te behoren – hoog geschoold, geëngageerd, wekelijks per blog een inzicht formulerend.
Als antropoloog van de eigen cultuur heb ik nog steeds bijscholing nodig.


Geef een reactie