Het nieuwe kassameisje van de Jan Linders bezorgde me vanochtend om 7.10 een kleine crisis.
Als zoveel ongerepte schoonheid mij bedienen mag, hoe kan ik dan ontkennen dat er een god bestaat?
Geheel gesticht karde ik naar huis, neuriënd en monkelend.
In mijn woonst aangekomen luisterde ik naar een liefdesliedje van Einsturzende Neubauten.
Het leven heeft best zin, als je het zien wil, om 7.10 in de Jan Linders.
Dat ze ongevraagd mijn boodschappen voor me inpakte, ik bedoel het nieuwe kassameisje, deed me smelten als een IJslandse gletsjer.
Door het kleine glimlachje dat ze daarbij produceerde, weet ik zeker dat het bestaan een reden heeft.
Duizend sonnetten verder ga ik mij met haar verloven. De 17-jarige in mij gaat een verwoestende comeback maken.
Alleen jammer dat ze het nooit te weten komt.
Je plaats kennen is vooral zwijgen.


Geef een reactie