De ouder zit aan tafel. De jeugdbeschermer ook.
Tussen hen in ligt een plan met datumstempel en paraafvakjes. Het lag er al voordat iemand vroeg: “Hoe gaat het met u?”
Het gesprek begint vriendelijk. Er is koffie. Begrip. Een glimlach die net iets te vaak terugkomt, alsof hij ook in het protocol staat. De ouder vertelt over de kinderen. Over angst. Over nachten zonder slaap. De jeugdbeschermer knikt en zegt: “Ik hoor wat u zegt.”

