Vraag niet naar zijn naam, speur niet naar zijn hoedanigheden, want heus, alle dingen worden spontaan gegeneerd.

Dwaalgesprek in twaalf delen over de onzienlijke lichtheid van de duisternis en de wijdsheid voorbij alle wijsheid. Vandaag deel negen: “Woef waf woef.”

“De vraag was dus: Wat moet je doen of laten om je niet weten tot uitdrukking te brengen zonder op metaforen terug te vallen? En dan zeg jij:”

“Alles wat je roept meteen herroepen.”

“Als je niks roept hoef je ook niks te herroepen.”

“Maar het gaat juist om het herroepen. Dat is de enige manier aan het beweren te ontkomen. Het vorige beweren dan, niet het huidige, want je loopt altijd achter de feiten aan. Om iets te kunnen herroepen moet je eerst iets roepen. Eerst spreken, dan weerspreken. Als je dat een paar keer achter elkaar doet heb je een dwaaltekst, zo noem ik het maar. Omdat je als lezer in zo’n tekst eventjes de weg kwijtraakt.”

“En wie wil dat nou niet.”

“Om het spannender te maken, giet ik het in de vorm van een gesprek. Wat zich oorspronkelijk binnen één persoon voltrekt – binnen mij, als innerlijke monoloog – verdeel ik over verschillende personen. Zo wordt het een uiterlijke dialoog. Een dwaalgesprek.”

“Net als bij Plato.”

“Plato was een scherpzinnig fil-o-soof, een liefhebber van wijsheid. Pluto is een onzinnig fil-a-soof, een liefhebber van dwijsheid.”

“Pluto Planeet of Pluto van Mickey Mouse?”

“Woef waf woef.”

“Dwijsheid is toch gewoon niet-weten?”

“Pseudoniemen, allebei.”

“Synoniemen.”

“Pseudoniemen.”

“Waarvan?”

“Dat weet ik niet.”

“Maar wel ergens van?”

“Dat weet ik ook niet. Daarom noem ik ze pseudoniemen.”

“Ik blijf het proberen hoor.”

“Ben ik wel gewend hoor.”

“Wat voor figuren kan de lezer in jouw dialogen verwachten?”

“Jou en mij. Ik en ik. Jij en jij. Shakyamuni’s, Sjakies, Anita’s, Anatmannetjes, leerlingen, meerlingen, meesters, ambachtslieden, kooplui, zitlui, moeders, politie-agenten, soldaten…”

“Waar staan die voor?”

“Jou en mij. Ik en ik. Jij en jij. Shakyamuni’s, Sjakies, Anita’s…”

“Figuurlijk, bedoel ik.”

“De innerlijke stem die roept: ‘Zeker weten!’ en de innerlijke stem die roept: ‘Zeker weten?’ Uitroepteken en vraagteken. Nauwe Weetal en Wijde Weetniet.”

Elf plaatjes van de ezel 9

Wijde Weetniet is een dwaze meester in een dwaas verhaaltje in de Uiterlijke Geschriften van het daoïstische meesterwerk de Zhuang Zhi (spreek uit: dzwang dzé). Het citaat waarmee dit stukje begint komt uit dat verhaaltje. De Zhuang Zhi wordt gedeeltelijk toegeschreven aan de gelijknamige daoïstische meester Zhuang Zhi (‘meester Zhuang’).

Deze tekst maakt deel uit van Wijde Weetniet, een serie over de wijdsheid voorbij alle wijsheid.

 

Categorieën: Hans van Dam
Tags: , , , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

1 reactie op Wijde Weetniet en Nauwe Weetal

  1. Sjoerd schreef:

    Roepend her-

    Dwalend in deze cirkel
    ga ik stap voor stap
    mijn weg

    tot dat ik merk, dat
    ik ooit ben afgeslagen
    naar nergens

    stap voor stap
    wat wandel
    geen houvast meer

    heb,
    behalve,
    heel sloom licht.

Menu