Beste Hans,

Ken jij de Vlaamse zenboeddhist Hein Stufkens?

Ooit woonde ik een lezing van hem bij over de vraag ‘Wie ben ik?’ Hij sloot af met de wens dat iedereen de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt je te identificeren met jezelf en begint je te identificeren met het wezenlijk onnoembare waar je een gezicht, de handen en de voeten van bent.

Prachtig, nietwaar? Die zin is mij tenminste altijd bijgebleven.

Beste X,

Dan sluit ik af met de wens dat jij de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt je te identificeren met het wezenlijk onnoembare waar je een gezicht, de handen en de voeten van zou zijn.

X: Niet identificeren met je ik, niet identificeren met het wezenlijk onnoembare, wou je zeggen.

H: Welk ik? Welk wezenlijk onnoembare?

X: Volgens mij verwijst meneer Stufkens naar de Boeddhanatuur (Buddhatã). De Leegte (Sunyata). De Geest. Het Zelf. Bewustzijn. Dat waarin alles verschijnt en verdwijnt.

H: Waaronder de Boeddhanatuur, de Leegte, de Geest, het Zelf, Bewustzijn en Dat, neem ik aan?

X: Pardon?

H: Je hoeft je niet te verontschuldigen, hoor.

X: Wou jij beweren dat er geen zelf is en niets transcendents?

H: Dan sluit ik af met de wens dat jij de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt je te identificeren met geen-zelf en intranscendentie.

X: Niet-identificeren is het devies.

H: Dan sluit ik af met de wens dat jij de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt je te identificeren met niet-identificeren.

X: Ik heb nog een lange weg te gaan, geloof ik.

H: Dan sluit ik af met de wens dat jij de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt te denken dat je nog verder moet.

X: Bedoel je dat er niets te bereiken valt omdat we er al zijn?

H: Dan sluit ik af met de wens dat jij de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt te denken dat er niets te bereiken valt omdat we er al zijn.

X: Bedoel je soms dat ik moet ophouden van alles te denken?

H: Dan sluit ik af met de wens dat jij de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt te denken dat je moet ophouden van alles te denken.

X: Of althans dat ik moet ophouden te geloven wat ik denk?

H: Dan sluit ik af met de wens dat jij de liefde, de vrijheid en de ruimte mag ervaren die vrijkomt als je ophoudt te denken dat je moet ophouden te geloven wat je denkt.

X: Dan weet ik het ook niet meer.

H: Ik help het je wensen.

‘Idolen van de zoeker’ maakt deel uit van Zondagskindjes, een serie teksten over niet-weten die geen deel uitmaken van een serie.

 

Categorieën: Hans van Dam
Tags: , , , , , , ,

Lees ook:

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

3 reacties op Op hoop van zegen; heridentificatie in zen en advaita

  1. bart schreef:

    wat een hoop woorden om niks te zeggen
    generen de woorden zich niet voor een te kort aan woorden?

  2. Sjoerd Windemuller schreef:

    O

  3. Piet Nusteleijn schreef:

    In ‘Nou én?’, een boek van Ramesh S. Balsekar schrijft hij dat Ramana Maharshi een Tamil woord gebruikte voor “ik” bij de vraag “Wie ben ik”. De betekenis is meer van
    “Wie is dat ik?” Met andere woorden, is er eigenlijk wel spake van een “ik”. Zo ziet Balsekar dit. Je ziet dat er ook sprake is van een drukfout in dit boek; sprake werd spake. Groet.