Advaita vedanta is geen heilsweg naar Bewustzijn maar een ijlweg uit de grijpgeest. Een denkweg uit de illusie. Een wegdenkweg uit iedere vorm van gedachtenverstarring, zowel monistisch als dualistisch als non-dualistisch als pluralistisch en nihilistisch.

 

  1. Niet-twee is niet één
  2. Advaita als exit uit het starre dualistische denken
  3. Niet-weten is iets wat je niet-doet
  4. En dan het absolute nog overstijgen
  5. Niet-twee betekent dat het niet uitmaakt

 

Niet-twee is niet één

 

A-dvaita, niet-twee, non-dualisme, is simpelweg een ontkenning van dvaita, twee, dualisme.

 

Beste Hans,

Het is pas door jouw vertaling van non-dualiteit in ‘geen onderscheid weten te maken’ dat ik begrijp wat ermee bedoeld wordt. Welk verschil zich ook aan je voordoet, uiteindelijk is het niet hard te maken. Alles is één. Alle grenzen zijn kunstmatig.

Dat is ook de diepere betekenis van a-dvaita: niet-twee. Geen onderscheid weten te maken. Er is alleen maar het Ene. De Bron. Bewustzijn.

Beste Orban,

Advaita vedanta is een vernuftige term die vaak verkeerd begrepen wordt. In mijn visie behoort hij tot het ontkennende, het apofatische spreken.

Apofatisch spreek je als je wilt zeggen hoe iets niet is zonder te zeggen hoe het wel is. Het is een vorm van tegenspreken. Een apofatische uitspraak is geen eigen stellingname maar een ontkenning van andermans stellingname.

A-dvaita, niet-twee, non-dualisme, is simpelweg een ontkenning van dvaita, twee, dualisme. Niet voor niets wordt het gekwalificeerd door een tweede ontkennende term, vedanta. Vedanta is Sanskriet voor het einde (anta) van de wijsheid (veda).

‘Advaita vedanta’, etymologisch een dubbele ontkenning, bestrijdt bepaalde aanspraken op wijsheid zonder zelf aanspraak op wijsheid te maken. Advaita is een ‘nietes’ tegen het ‘welles’ van dvaita. Niet meer en niet minder.

Mensen houden niet van nietes, dus maken ze er gauw een welles van. Niet-twee, redeneren ze, betekent eigenlijk één. En advaita vedanta betekent eigenlijk ‘alles is één’.

Nou, dat betekent het dus niet. Anders had advaita vedanta wel eka veda geheten, de wijsheid van de of het ene of van eenheid. Maar het heet advaita vedanta, in de betekenis van niet-twee, het einde van de wijsheid, en daarmee basta.

Want hoe verheven het ook klinkt in zo’n op sterven na dode taal, eigenlijk is het gewoon een krachtterm. Je hoort hem met stemverheffing uit te spreken terwijl je met je vuist op tafel slaat. ‘ADVAITA VEDANTA NOG AAN TOE!’

Zo snoert men de mind de mond.

 

Advaita als exit uit het starre dualistische denken

 

Niet-twee is geen idee. Welke metafysische conclusies wou je daaruit afleiden?

 

Orban: Wat kan niet-twee nou anders betekenen dan één?

Hans: Van niet-twee naar één is net zo’n grote sprong als van niet vol naar leeg, van niet heet naar koud, van niet vies naar lekker, van niet lelijk naar mooi, van niet kruipend naar vliegend.

Een blaas die niet vol is hoeft niet leeg te zijn. Een bad dat niet heet is hoeft niet koud te zijn. Een drankje dat niet vies is hoeft niet lekker te zijn. Een gezicht dat niet lelijk is hoeft niet mooi te zijn. Een dier dat niet kruipt hoeft niet te kunnen vliegen.

Van niet-twee naar één is een bokkensprong. Een foutsprong. Non-dualisme is enkel een ontkenning van het dualisme, geen bevestiging van het monisme.

Orban: Ja, misschien is eenheid niet zo’n gelukkige term, maar wat is niet-twee? Is de waarnemer niet het waargenomene? Is het subject niet het object? Is dát niet de boodschap van de advaita vedanta? Zijn wij niet die boodschap? Zijn wij niet dat?

Hans: Is de waarnemer het waargenomene? Jeminee. Is het subject het object? Geen idee. Niet-twee betekent alleen dat je ze niet weet te scheiden. Dat je geen idee hebt waar de een ophoudt en de ander begint. Maar niet-twee betekent net zo goed dat je ze niet weet te verenigen.

De waarnemer is een idee. Het waargenomene is een idee. Het subject is een idee. Het object is een idee. Hun relatie is een idee. Hun tweeheid is een idee. Hun eenheid is een idee.

Niet-twee is geen idee. Welke metafysische conclusies wou je daaruit afleiden?

Orban: Dus volgens jou is advaita vedanta alleen maar een nietes tegen dvaita.

Hans: Niet twee, einde van de wijsheid. Een exit uit het starre dualistische denken. Een nooduitgang voor mensen die het er benauwd van krijgen. De rest mag zich erin koesteren tot de dag des oordeels.

Orban: Vandaar non-dualisme.

Hans: Maar net zo goed een exit uit het starre monistische denken. Voor mensen die het er benauwd van krijgen. De rest mag zich erin koesteren tot de dag des oordeels.

Orban: En dan?

Hans: Zullen we eindelijk zien wie er in de droom leefde.

Orban: Hier krijg ik het pas benauwd van.

Hans: Advaita vedanta is geen heilsweg naar Bewustzijn maar een ijlweg uit de mind. Een denkweg uit de waan. Een afrit uit de denklus. Een wegdenkweg uit iedere vorm van gedachtenverstarring, zowel monistisch als dualistisch als non-dualistisch als pluralistisch en nihilistisch.

Orban: Brr. Volgens mij ben ik een onverbeterlijke monist.

Hans: Een van de velen.

 

Niet-weten is iets wat je niet-doet

 

Opletten bij het denken is geen doen. Ik moet er niet aan denken.

 

Orban: Helpt niet-weten tegen gedachtenverstarring?

Hans: Niets helpt tegen gedachtenverstarring, niet dat ik weet. Advaita vedanta ook niet. Agnose ook niet.

Orban: Wat is niet-weten dan wel?

Hans: Dat zeg ik. Geen idee. Eerder een zelfreinigende geest. Een denken dat zichzelf bij de staart heeft. Een denker die kan lachen om al zijn ideeën. Ook om deze. Ha ha!

Orban: Dan helpt het toch tegen gedachtenverstarring?

Hans: Nee, nee. Niet-weten helpt niet tegen gedachtenverstarring, het is een denken dat niet verstart.

Orban: Niet-weten is toch iets wat je toepast? Een vorm van mindfulness – opletten bij het denken?

Hans: Opletten bij het denken is geen doen. Ik moet er niet aan denken.

Orban: Wat heb je er dan aan?

Hans: Geen idee.

Orban: Kom nou.

Hans: Wat heb je aan je blinde darm? Niet-weten is geen methode of gereedschap. Het is geen remedie of therapie. Het is geen naaimachine-olie om het zwoegende brein te smeren. Je hebt er niets aan want het is niet iets wat je doet. Het is iets wat zich aan je voordoet.

Orban: Je bent het keuzeloos gewaar.

Hans: Doe maar duur.

Orban: Wu wei.

Hans: Hoppetee.

 

En dan het absolute nog overstijgen

 

Transcendentie, weet je wel.

 

Orban: Geen mindfulness, geen keuzeloos gewaar zijn, geen wu wei, wat dan wel?

Hans: Zeg jij het maar. Ik heb er hoe dan ook geen omkijken naar. Ik kan het gewoon niet helpen. Mijn geest is zelfreinigend zoals een motor zelfsmerend is, een reddingsboot zelfrichtend, een schroef zelftappend, een profetie zelfvervullend, een windmolen zelfzwichtend, mijn longen zelfzuchtend.

Orban: Niet-weten stelt eigenlijk niets voor.

Hans: Niet in mijn woordenboek. Het is een pretentieloze term om aan te geven dat je het allemaal niet meer weet. Dat je je gedachten niet meer gelooft, deze ook niet. Dat je daar vrede mee hebt, Grote Vrede. Als je begrijpt wat ik bedoel.

Maar alle termen zijn aan inflatie onderhevig. Zelfs een klein kinderwoord als niet-weten wordt algauw een grotemensenwoord waarop spirituele patjepeeërs massaal hun spatjes komen afscheiden. Dan krijgt het in naam der verlichting zware betekenissen toegedicht die alleen nog getuigen van zeker-weten, al dan niet voorgewend.

Orban: Zware betekenissen?

Hans: ‘Het universele bewustzijn’ of ‘het mysterie van het leven’ of ‘dat wat ik ten diepste ben’ of ‘het kennen dat zelf op geen enkele wijze gekend kan worden’ of ‘de alomvattende geest’ of ‘de leegte waaruit alles ontstaat en waarin alles vergaat’ of de ‘stilte van het hart’ of ‘het derde oog’ of ‘onze fundamentele openheid’ of ‘de onvoorwaardelijke liefde die wij zijn’ of ‘het eeuwige hier en nu’ of ‘de wijsheid voorbij alle wijsheid’.

Orban: Mooi toch?

Hans: Mooie woorden zijn niet waar.

Orban: En ware woorden zijn niet mooi. Laozi.

Hans: Schoonzwammers zullen steeds weer proberen om er een waarheid van te maken, een werkelijkheid, een grond, een zekerheid, een steen der wijzen, een ding, een schepper, een god, een iets, een niets, een plaats, een tijd, een leidraad, een ideaal, een norm, een hebbeding, een afgodsbeeld, een amulet. De zoveelste toverstok om het geluk af te dwingen. Het zoveelste voetstuk om boven jezelf en je medemens uit te stijgen. Transcendentie, weet je wel.

Orban: Herkenbaar.

Hans: Als in ‘kennen’.

Orban: Maar daar is het toch allemaal om te doen?

Hans: Waarom?

Orban: Transcendentie.

Hans: Je doet maar.

Orban: Ontsnappen aan het vergankelijke.

Hans: Van de ene droom in de andere.

Orban: Het relatieve overstijgen, bedoel ik.

Hans: En dan het absolute nog overstijgen. En dan de transcendentie nog overstijgen.

Orban: En dan?

Hans: Ben je daar ook weer van verlost.

Orban: En dan?

Hans: Sta je eindelijk weer met beide benen op de grond.

 

Niet-twee betekent dat het niet uitmaakt

 

Spiritualiteit is kinderspel. Iedereen mag meedoen. Niemand kan het niet.

 

Orban: Dus volgens jou is niet alles één?

Hans: Begin je nou weer?

Orban: Voor mij is dat de hamvraag.

Hans: Eén in welk opzicht? Hoe stel je zoiets vast? Wat bedoel je met alles? Wat maakt het in vredesnaam uit?

Orban: Natuurlijk maakt het uit!

Hans: Niet-twee betekent dat het niet uitmaakt. Dat het geen verschil maakt. A-dvaita. Niet uitmaken.

Orban: Geen onderscheid maken.

Hans: Geen onderscheid weten te maken. En geen eenheid weten te maken. Anders maakt het toch weer uit.

Orban: Niet-twee, niet-één, wat dan wel?

Hans: Een twee drie vier…

Orban: Hè?

Hans: Hoedje van, hoedje van / Een twee drie vier / Hoedje van papier.

Orban: Eerst een kinderwoord en nou weer een kinderliedje.

Hans: Spiritualiteit is kinderspel. Iedereen mag meedoen. Niemand kan het niet.

Orban: Zalig zijn de armen van geest.

Hans: Zou je denken?

Orban: En ik maar denken dat het om de Hoogste Waarheid ging.

Hans: En jij maar denken.

 

 

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu