“Laat je niet gek maken door die oude gekken”, zei de oude gek. Door wie laat jij je gek maken? Negenenvijftigste van een serie van zestig monologen van Linji.

 

Meester Linji zei: Overal waar ik verschijn, staan monniken zich op de borst te slaan: “Zoek niet langer. Ik ben een man van Chan. Ik weet de Weg. Ik heb een Plan.” Met flapperende tong en wapperende lippen maken ze armzalige mensen aalmoezen afhandig. Souteneurs die zich thuisverlaters wanen. Bah. Eens zullen ze de tol betalen.
De weg bedient zich niet van argumenten, twistgesprekken en spitsvondigheden om mensen meningen op te dringen of ergens toe over te halen of iets te ontfutselen. De weg loopt nergens weg en nergens langs en nergens heen. De transmissie van de boeddha’s en de patriarchen heeft niets om het lijf. En wat betreft de twaalf afdelingen van het onderricht, de drie voertuigen, de vijf naturen, de leer van de volledige en plotselinge verlichting: allemaal grootspraak voor kleinbehuisden.

Woordenkramers, gebruik je geest zoals hij bedoeld is. Overal worden de doden begraven, maar jouw hoofd zit vol lijken. Je werpt zelf de hordes op waarover je struikelt. Het licht dat alles doorziet, schijnt ook voor jou – tenzij je in de weg blijft staan. Het licht schijnt net zo goed door jou – zolang je het laat gaan.

 

Deze tekst maakt deel uit van Niet te geloven: de Linji-lu.

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu