“Laat je niet gek maken door die oude gekken”, zei de oude gek. Door wie laat jij je gek maken? Tweeënveertigste van een serie van zestig monologen van Linji.

 

Meester Linji zei: Wegdansers, als ik beweer dat er daarbuiten niets te vinden is, trekken jullie gelijk weer de conclusie dat je het in jezelf moet zoeken. Dan ga je in een donkere grot met je benen over elkaar zitten, met het puntje van je tong tegen je verhemelte, onbeweeglijk en onnatuurlijk stil, en waant je algauw een boeddha of een patriarch. Sufferd. Je spant het paard achter de wagen.

Wie stilte en onbeweeglijkheid aanziet voor de weg, loopt aan de leiband van de dood.

“Jezelf verliezen in een donkere grot,
Wat een afschrikwekkend lot.”

Wie het daarentegen in beweeglijkheid zoekt, is geen haar beter dan zijn haar, dat met alle winden meewaait. Beweging duidt op het element lucht. Onbeweeglijkheid duidt op het element aarde. Wat zowel beweegt als stilstaat kan geen eigen wezen hebben. Zoek je het in onbeweeglijkheid dan zal het van je wegdansen. Zoek je het in beweging dan dans je ervan weg.

“Vis in het water;
Wie beroert wie?”

Wegdansers, beweging en onbeweeglijkheid zijn maar namen. Een mens zonder weg bedient zich vrijelijk van beide. Hij hangt zich nergens aan op.

 

Deze tekst maakt deel uit van Niet te geloven: de Linji-lu.

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu