“Laat je niets wijs maken door die oude wijzen”, zei de oude wijze. Wat laat jij je allemaal wijsmaken? Negenenvijftigste van een serie van zestig dialogen van Linji.

 

Linji arriveerde bij het klooster van meester Jinniu.
Toen deze hem aan zag komen, ging hij gauw bij de poort zitten, met zijn stok als slagboom.
Linji deed de ‘slagboom’ open, liep meteen door naar de meditatiezaal en ging op de eerste plek zitten.
De meester liep hem achterna en zei: “In een gesprek tussen gastheer en gast gelden bepaalde regels. Wie denkt u wel dat u bent!”
Linji zei: “Wie denkt u wel dat u bent!”
Nog voor de meester antwoord kon geven, gaf Linji hem een oplawaai.
De meester verloor zijn evenwicht, en Linji gaf hem nog een klap na.
“Ik heb geloof ik mijn dag niet”, zei meester Jinniu beduusd.

Meester Guishan vroeg: “Wie van de eerwaarden trok hier aan het langste eind?”
“Welk eind zou het langste moeten zijn?” zei Yangshan.

 

Deze tekst maakt deel uit van Niet te geloven: de Linji-lu.

 

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu