Na ruim zeven weken weer achter het stuur. Er is veel gebeurd. De bus is groot, stil, oordeelloos, in afwachting…  Jas ophangen, stoel instellen, inloggen, omloopnummer (rit), binnen- en buitenspiegels stellen, geldcassette, kaartjes (heb ik genoeg van alles?), stempel, stempel actualiseren (weeknummer, dag, tijd, zone), starten, verlichting binnen en buiten… niets vergeten? Ja, de verwarming natuurlijk, zeker nu… Routine is geen routine. Mindfulness uit noodzaak (is het ooit anders?).

Van mijn baas hoefde het nog niet maar ik wilde zelf. Ik heb er zin in, maar zie er ook tegen op. Mogen rijden met dat machtige voertuig, mensen ten dienste mogen zijn. Maar kan ik het waarmaken? ‘Alles weer goed’ zei de cardioloog, maar hoe sterk ben ik? Als de mensen instappen ben ik vriendelijk, een kwinkslag zelfs, glimlachen over en weer. Maar ik ben er niet. Ik ben in de vorm. Verdriet. Verdriet?? Waar kom jij vandaan? En eenzaamheid. Nu ik hier weer zit, realiseer ik me waarom het zo lang duurde, dat ik van de ene op de andere dag…, m’n angsten, die van mijn vrouw, m’n dochter. En nu, die vertrouwde, lieve mensen die instappen maar met wie ik mijn verhaal niet kan delen. Waarom eigenlijk niet? We deelden toch alles? Ogen vol plezier of vriendelijkheid of ontreddering zag ik. Ik zag jullie. Zien jullie mij nu ook? Natuurlijk zien jullie me. Beter dan ik denk, beter dan ik nu aankan. In de ogen van een vrouw (open glimlach verzacht tot verbaasde zorg) zie ik mijn kwetsbaarheid. Teveel voor nu, terug in de vorm. Rijden.

De wereld is donker en nat. Hoe breed ben ik ook al weer? Hoe lang? Rustig maar, schouders los, ademen. De weg is vol, iedereen is moe, naar huis, gauw gauw….  De eerste rotonde. Fietsers, veelal zonder licht, van links en rechts, haastend door de regen, regenkap tot over de ogen, telefoon aan het oor. Een voetganger, maar nog ver genoeg. Auto naar auto, wie slaat af, wie rijdt door, waarom geen signaal, rijden… nee, remmen, de voetganger is nu te dicht bij, weer fietsers, weer auto’s, ruitenwissers sneller, maar ze trekken vooral een wazige film over de voorruit… Ik rij op, moet toch een keer, meteen lichtsignalen van irritatie, maar ik ben groot en traag, ik kan niet sneller… en het is lang geleden…

Als ik anderhalf uur later een korte pauze heb op station Utrecht, denk ik aan m’n column. Ik kijk uit het beregende raam en zie stromen voorbijsnellende mensen. Inner en outer world. Dualiteit. Dukha. Het zou mooi zijn als straks een passagier zou zeggen… of als een verlichtend inzicht…zou mooi zijn voor de opbouw, voor het plot van de column. Maar het kwam niet. Of ik zag het niet. Nog niet.

Categorieën: Columns, Eelco
Tags: , , , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

1 reactie op Halte Hertenkamp – Zien jullie mij nu ook? Natuurlijk zien jullie me.

  1. Babeth VanLoo schreef:

    Heb zeer genoten van deze column. Kon zo onder de huid van deze persoon kruipen. Dank.

Menu