Toen ik nog in de mahayanasferen verkeerde kon mijn boeddhistische leraar boeiend vertellen over de hete hellen, en de plek waar die zich bevonden onder de aardkorst. Vierduizend kilometer onder een dorpje ergens in India. Op die diepte kan het goed heet zijn, daar heb je geen boeddhistische hele hellen voor nodig. Ik heb diep respect voor deze leraar, maar als het over de locatie van de hete hellen ging moest ik toch wel lachen, ook al hield ik dat verborgen. Maar op een dag zei ik het gewoon, dat ik dat niet geloofde, dat het een overblijfsel was uit een tijd dat mensen zaken niet konden verklaren. Omdat het aan kennis en meetapparatuur ontbrak.

Zo zijn er heel wat zaken het boeddhisme binnen geslopen, door mensen zelf bedacht. Zoals helderhorendheid, helderziendheid, kunnen vliegen, en allerlei kwaliteiten aan voornamelijk leraren toegedicht. Het enige dat we vrijwel zeker weten is dat de Boeddha heeft geleefd. Doodgewone mensen hebben waarschijnlijk nog steeds behoefte om dingen die ze vreemd vinden te verklaren en ze aan een persoon toe te dichten die daarmee een status van heilige krijgt. Wat we vergeten is dat de Boeddha een gewoon mens was die wel een heel bijzondere methode ontwikkelde om het lijden te kunnen behappen. Hij legde de puzzel waar zoveel anderen naar op zoek waren. Wat we vaak vergeten is dat boeddhistische leraren ook gewone mensen zijn, die niks nieuws produceren maar het reeds bestaande verklaren. Buiten Boeddha is er niks nieuws. En mogelijk was er voor de historische Boeddha wel een ander die dezelfde theorie ontwikkelde maar nooit de publiciteit zocht en kreeg.

Toen ik in de mahayana was kwam ik na mijn dood in het bardo, de tussenstaat van 48 dagen terecht, zo werd mij verteld. Nu ik een andere stroming aanhang gaat na mijn dood mijn zijn, een deel ervan, in een flits over naar een conceptie. Inderdaad, het is door mensen bedacht. Net zoals het fenomeen wedergeboorte waaraan steeds meer mensen twijfelen maar wat ik nog wel kan verklaren omdat in mij ook de genen en het deelgeheugen van mijn voorouders zitten.

Ik ben de balans aan het opmaken. Wat bracht het boeddhisme mij nou wat ik nog niet wist of had of naar verlangde. Mijn ouders leerden mij dat dingen eindig waren, vergankelijk, dat hebzucht, haat en geweld niet best waren, dat empathie geen slechte kanten had en dat ik moest liefhebben. Mijn moeder was een Boeddha, mijn vader Ananda, de neef en verzorger van de Boeddha. Ik was Moeddhist van geboorte af aan.

Ik merk dat ik op zoek ben naar een nieuw boeddhisme, een boeddhistische Luther, die een eind maakt aan de talloze stromingen en gedoetjes en machthebbers en sprookjesvertellers binnen de huidige vorm. Het hele spul in de wasmachine doet. Zou de Boeddha, mijn grote vriend, dat nu gewild hebben, die stromingen, die groepen, de onderdrukking van vrouwen, leraren die hun handen niet thuis kunnen houden, imperiums en bv’s leiden, T-shirtjes verkopen, er goede sier mee maken, zogenaamde verdiensten verzamelen en offeren (zegeltjes plakken) de vorm die dikwijls belangrijker is dan de inhoud. Al die anders gekleurde pijen en maniertjes. Als de kussens maar goed liggen en het altaar gekuist. God, verlos ons van de boze, zou ik bijna zeggen als ik geen gelovige atheïst was en maak het boeddhisme weer transparant. Eenduidig. Amen.

Moedig voorwaarts.

Foto Goff Smeets.

BIJSLUITER: het lezen van deze columns kan leiden tot groot geestelijk ongemak, heimwee naar Chef,  de Kloosterbunker, Bunkerstad, woedeaanvallen, depressies, onbeheerst gedrag, angstaanvallen, maagzuur, zweten, ongeloof, twijfel aan eenieder, straatvrees, lange tenen en het geloof in het eigen gelijk. Bij de lezers. Scheldpartijen en een onbedwingbare drang om te reageren zijn waargenomen. Sommigen willen mij  corrigeren. Of bedanken. Of prijzen. De drang om in verzet te komen, het abonnement op te zeggen- wat niet kan. Sommigen besluiten de krant niet meer te lezen, of te boycotten. Er kwaad over te spreken. Te janken of te vloeken. De straat op te gaan om te demonstreren. De politiek de rug toe te keren. Of aan de drugs te gaan. Kwaad spreken over Feyenoord. Breken met de familie.

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Categorieën: Columns en Joop Hoek Tags: Luther 

2 reacties op Het jaar 2017 – de honderdeneenentachtigste dag – hete hellen

  1. G.J. Smeets schreef:

    Joop komt bij de hemelpoort en zegt tegen Petrus dat ie pas naar binnen gaat als God eerst het boeddhisme transparant maakt want het is daar een troebel zooitje. Wacht effe, zegt Petrus, dan overleg ik dat met mijn baas. Hij loopt naar achteren en legt het Jesus voor. Die wil Joop graag erbij hebben daar in de hemel maar hij snapt niet wat Joop met transparant boeddhisme bedoelt. Hij krabt achter zijn oren en zegt tegen Petrus wacht effe, dan overleg ik dat met de baas. Hij loopt naar achteren en legt het zijn vader voor. Godverdomme zegt pa, dat is al de zoveelste keer dat die kerel met een smoes weigert om binnen te komen. Transparant boeddhisme, tja hij bekijkt het maar.

  2. Louis van Bebber schreef:

    Een echte bodhisattva dus!

Menu