Vanmiddag was ik bij mijn kapper in het Oude Westen van Rotterdam. Zijn zaak ziet er niet uit als een kapperszaak, het lijkt wel een opnamestudio voor muzikanten. Aan de muren vinylplaten, op een balie apparatuur en een speelgoedauto. Mijn kapper is ook geen kapper met klanten, maar een wat ze noemen haarkunstenaar, die je met mes, schaar en tondeuse een ander uiterlijk geeft. Hij ziet eruit en is gekleed als een Japanner, maar is dat niet.

We spraken over Rotterdam. Hij sprak over het Oude Westen, ik dacht na over het Oude Noorden waar ik geboren ben. De kapper zei dat er een speciale ondernemersgeest in die westwijk hangt. Er zijn meer kapperszaken in en rond het Oude Westen, maar allemaal hebben ze iets eigens, het zijn geen nabootsers. Ik dacht aan vroeger, aan de arbeidersopstanden in het Oude Westen, toen ik daar als journalist mijn nieuws vergaarde. In de veertig minuten dat ik in zijn stoel zat, gingen we virtueel door de stad. We kwamen tot de conclusie dat de stad niet bestaat, dat elke wijk, elk kwartier, elke straat een eigen identiteit heeft. Soms dorps, dan grote stads uitbundig, met kapsones. Gemaakt door en voor mensen, organisch. De kapper zei dat we ons niet moeten vastleggen door vroeger, niet te veel moeten hechten aan, in de ontwikkeling van de stad en de mensen. Dat we historie en de mensen die daar deel van uitmaken moeten herinneren en mogelijk waarderen, maar dat we in het nu leven, zei de kapper. En dat de toekomst vanzelf komt. Het is fijn om in het Oude Westen te zijn.

Moedig voorwaarts!

BIJSLUITER: het lezen van deze columns kan leiden tot groot geestelijk ongemak, heimwee naar Chef,  de Kloosterbunker, Bunkerstad, woedeaanvallen, depressies, onbeheerst gedrag, angstaanvallen, maagzuur, zweten, ongeloof, twijfel aan eenieder, straatvrees, lange tenen en het geloof in het eigen gelijk. Bij de lezers. Scheldpartijen en een onbedwingbare drang om te reageren zijn waargenomen. Sommigen willen mij  corrigeren. Of bedanken. Of prijzen. De drang om in verzet te komen, het abonnement op te zeggen- wat niet kan. Sommigen besluiten de krant niet meer te lezen, of te boycotten. Er kwaad over te spreken. Te janken of te vloeken. De straat op te gaan om te demonstreren. De politiek de rug toe te keren. Of aan de drugs te gaan. Kwaad spreken over Feyenoord.

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Categorieën: Columns en Joop Hoek Tags: Roterdam 

1 reactie op Het jaar 2017 – de honderdennegenendertigste dag – de kapper

  1. Jacob van Keulen schreef:

    Leuke woordspeling in dit verband:de kapsones van de stad. Herkenbare bespiegelingen van alledag.Ga zo door en houd moed.

Menu