Het is al laat als ik die vrijdagavond de bus op de remise tussen de andere schuif. Even daarvoor had een jonge vrouw me hortend en stotend iets vertelt over de gebeurtenissen. Ze had het nieuws uit haar linker handpalm opgediept. Thuis is alles stil en donker. Het cursusboek ‘Hoe herken ik vogels aan hun zang?, incl. cd!’ is door de post afgeleverd. Het is november en de zangactiviteit is bescheiden. Maar door nu te studeren hoop ik tegen de lente een paar geluidjes thuis te kunnen brengen.
Breaking news. Knallen, verschrikte mensen, opgewonden reporters. Na tien minuten leg ik de tv het zwijgen op, maak een kop thee en ‘zet de cd op’ (vergeef me dit vinyl-chronisme dat terug reikt naar de tijd van Woodstock en Baader Meinhof). De zang van de IJsvogel bestaat uit bevende roepjes en fluittonen. Die van de Goudvink verloopt in lage, warme tonen.
Het is niet dat ik me afkeer van de werkelijkheid. Integendeel. De zang van de vogels doet er juist toe. Evenals de wind die langs de pannen jaagt. Die wind woei al lang voordat de mens er was en zal erna nog veel langer waaien. Op die gedachte sliep ik even later behaaglijk in.

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu