De groene velden van het hertenkamp ontwaakten vanachter een voile van ijle ochtendmist . De dauw op het gras glinsterde onder het broze licht van de zojuist uit de nacht geboren zon. Het gemurmel van de kikkers in de lotusvijver verstoorde de stilte niet maar vulde deze juist aan terwijl wij, alvorens te vertrekken, op de oever mediteerden.
Elk jaar gaan we er een keer tussen uit. Dan laten we alles achter ons: de monniken, de passagiers, de lezingen, de dienstregeling. Op pad zonder doel voor ogen. Ook deze keer. De dag ervoor had ik als altijd de stoel, die ik speciaal voor onze tripjes had vervaardigd, tussen mij en de instapdeur gemonteerd. Zo konden we naast elkaar zittend de landschappen aan ons voorbij laten glijden.
Als altijd nam hij de beslissingen. ‘Rechts leidt nergens toe’. Toonloos en zonder enige twijfel in de stem. Alsof hij slechts herhaalde wat hem vanuit een andere wereld werd ingegeven. Ik sloeg rechts af. Zo reden we de hele ochtend zigzaggend door de wereld. Aan het begin van de middag zei hij vanuit het niets: ‘Eelco, ik vind dat jij vanaf nu maar zelf moet beslissen’. Ik zette de bus stil en stapte achter het stuur vandaan. ‘Dan mag jij rijden’. Hij keek een moment bedachtzaam naar het grote stuur en het dashboard en sprak: ‘We laten het zo’.
Even later zag ik een vrouw langs de kant van de weg staan. Het was een jonge vrouw gekleed in rijk geborduurde sluiers van zijde waar de wind doorheen speelde. De stip tussen haar wenkbrauwen was met rode okerpoeder aangebracht. Ze glimlachte naar me. Ik wilde haar aanbieden om een stukje mee te rijden en keek vragend opzij. Met een lichte beweging van zijn hoofd keurde hij het plan af. ‘Begeerte’ sprak hij zacht, terwijl we de vrouw passeerden. Er bewoog geen spier in zijn gelaat. Ik haatte die uitdrukking op zijn gezicht. Niet arrogant, niet hard of zacht, wakker noch slapend, bewogen noch onbewogen,… Het irritante was juist dat ik het niet kon benoemen. Als zo vaak verwarde het me, maakte het me angstig; ik werd er doorzichtig van, naakt, klein ook. Hij zag de wanhoop in m’n ogen en barstte in bulderend lachen uit. Ik keek hem verwonderd aan maar werd vervolgens aangestoken door zijn tomeloze lol. Voordat we het wisten stond de bus aan de kant van de weg en liepen de tranen over onze wangen. Toen werd er op de ramen gebonsd.
‘Eelco! Eelco! Je moet vertrekken, je bent al tien minuten te laat!’ Ik schrok op en zag het verschrikte gezicht van Bram achter het zijraam. Ik keek om me heen, sprong op van de achterbank, nam plaats achter het stuur en startte de motor. Voordat ik naar het perron kon rijden waar de mensen zichtbaar ongeduldig stonden te wachten stapte Bram nog even naar binnen. ‘Je ziet er moe uit, Eelco. Je moet er ’s tussen uit. Even alles achter je laten: de passagiers, de dienstregeling. Lekker op pad zonder doel voor ogen. Dat zou je goed doen!’

Eelco.

Categorieën: Columns, Eelco
Tags: , , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu