Ik heb mijn karma-administratie heel redelijk op orde. Niet dat deze er zo vrolijk uitziet, maar ik heb in ieder geval overzicht.

Het beginsaldo van dit leven zat dik in de min. Zeker weten. Mijn jeugd was, als ik het zo mag uitdrukken, wat schraal ingericht. Zo’n jeugd krijg je niet voor niets opgedist. Wie vangt heeft zelf een keer gekaatst. Bovendien liepen in de eerste vijftig jaren van mijn leven twee huwelijken en diverse relaties op de klippen. In mijn vorig levens heb ik vast nooit het achtvoudig pad gekruist, zal ik maar zeggen. Tijdens mijn bestaan als graaiende bankier, in de rol van stiefmoeder van Assepoester, op mijn strooptochten, God mag weten hoe… moet ik heel wat krediet verspeeld hebben.

Het valt mij in dit leven niet gemakkelijk om dat saldo wat op te plussen. Ik probeer te begrijpen wat lijden is en wat de oorzaak van lijden is. Ik probeer vanuit de juiste intentie zorgvuldig te praten met mijn kinderen en met anderen en de juiste handelingen te verrichten, op een eerlijke manier m’n geld te verdienen, niet té lui te zijn en goed op te letten. Maar vaak, nee… meestal, lukt dat niet. Soms geef ik in het verkeer iemand voorrang waar dat helemaal niet hoeft of spreek ik woorden van mededogen ten behoeve van een passagier die het zichtbaar moeilijk heeft. Maar soms ook kijk ik chagrijnig in de binnenspiegel als er op de knop is gedrukt en niemand uitstapt. Of houd ik mijn huisgenoten, die met de hand willen afwassen omdat de afwasmachine veel energie en water zou verbruiken, voor dat ‘gemak’ ook een waarde is.

Al met al durf ik toch wel te stellen dat m’n intentie goed is en dat ik m’n best doe. Met vallen en opstaan. Maar wanneer ik een enkele keer artikelen in deze krant bestudeer van door mij oprecht gerespecteerde en zeer belezen columnisten, dan zakt me de moed in de schoenen. Als ik die teksten met open vizier tegemoet treed dan weet ik me ontmaskerd als ‘gelukzoeker’, ‘boeddhist-light’, … (stop! stop! ik beken!) en kan ik karmisch bezien per direct wel failliet worden verklaard. Al mijn goede bedoelingen ten spijt. In dat geval zal er waarschijnlijk van een volgend bestaan überhaupt geen sprake meer zijn. Nog niet als worm of politicus. (Wellicht doe ik hier de worm te kort, sorry worm).

Maar aan die conclusie ben ik zelf nog niet toe.

Misschien moest ik maar over mijn kritisch oordeel (debet) heen stappen en alsnog de politiek in gaan. Er lopen daar, tenminste als de televisiebeelden me niet bedriegen, per slot van rekening veel geslaagde en blije mensen rond. Die moeten op de een of andere manier heel wat positieve karma (credit) hebben gescoord.

 

Categorieën: Boeddhisme, Columns, Eelco
Tags: , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

Reageren is niet meer mogelijk

Menu