Gisteravond hoorde ik de professor in ruste Maarten  van Rossem in het programma De Slimste Mens vertellen over wat hem is overkomen in een duur sterrenrestaurant in Parijs. Het personeel hield de gasten zo indringend en bemoeizuchtig in de gaten dat hij zich op een gegeven moment niet meer durfde te bewegen om geen reactie van het personeel uit te lokken. Hoe het eten  smaakte wist Van Rossem niet meer. Hij kon zich alleen de krankzinnigheid van het gebeuren, de dwang om het de gasten naar de zin te maken of de angst om een ster te verliezen herinneren.

Zijn verhaal haalde verdrongen herinneringen bij me boven. Ook ik zat een keer in een chique restaurant te eten en legde even- om te pauzeren, mijn mes en vork naast het bord. Dat had ik beter niet kunnen doen omdat een bediende mij vanachter naderde, zijn mond aan mijn rechteroor zette en met een grafstem vroeg: ‘Smaakt het u niet, zal ik de kok wat anders laten maken?’ Vanaf dat moment zat ik niet meer op mijn gemak omdat ik wist dat ik werd geobserveerd. Ik heb nog even overwogen om mij luid kreunend en naar de maag grijpend met stoel en al achterover te laten vallen, een voedselvergiftiging voorwendend. Maar dat stelde mijn tafeldame niet op prijs.

In een Rotterdams erg duur restaurant at de eigenaar en chef kok Herman ongevraagd met de gasten mee. Hij schoof een stoel bij en haalde met zijn handen de gerechten uit de schotels om die smakelijk te nuttigen. Het liefst hield de kok van andijviestamp met ballen gehakt maar dat werd die avond niet geserveerd. Die at hij bij zijn moeder.

Ik ben een grote, forse man. Een paar keer is mij in een restaurant eten geweigerd. Dat zit zo. Ik bestelde en kreeg opgediend. Tegen het eind van de maaltijd wilde ik een tweede gang bestellen maar dat werd geweigerd. In een van die restaurant zei de bediende: ‘Eet eerst maar uw bord leeg, dan zien we wel verder.’ In een andere zaak werd de voortzetting gewoon geweigerd onder het motto: ‘Dat kunt u toch niet op.’

Op zich is het vreemd dat een bedrijf dat winst haalt uit de verkoop van eten dit doet. Maar dit soort opmerkingen heb  ik liever dan fluisterende bediendes aan een oor.

Op een avond zat ik met een vriendin (niet de kleindochter van de zeevisser mijn vriendin) in een bijna-sterrenrestaurant. De kaart was waardeloos en het eten ook. Het gerecht van de vriendin was niet gaar en koud. Normaal gesproken wenk je dan de bediende om dit euvel aan hem voor te leggen en te vragen of de kok dit mankement mogelijk kan rechtzetten. Zo niet mijn vriendin: ze pakte het bord met de kleffe hap op en beende  er mee naar de keuken. Ik weet nog dat ze klapdeurtjes passeerde die ze werkelijk open gooide. Ze verdween uit het zicht. Ik hoorde roepen en luid spreken in het domein van de witte brigade. De stem van de vriendin het luidst, die was niet op haar mondje gevallen. Na een kwartier bracht de bediende een bord met nieuw en gaar voedsel.

Later kreeg dat restaurant een ster en stegen de prijzen. Als lid van een testpanel bezocht ik die tent nog een keer, maar het eten was de ster niet waard. De klapdeurtjes waren ook verdwenen.

Moedig voorwaarts!

BIJSLUITER: het lezen van deze columns kan leiden tot groot geestelijk ongemak, heimwee naar Chef, de Kloosterbunker, Bunkerstad, woedeaanvallen, depressies, onbeheerst gedrag, angstaanvallen, maagzuur, zweten, ongeloof, twijfel aan eenieder, straatvrees, lange tenen en het geloof in het eigen gelijk. Bij de lezers. Scheldpartijen en een onbedwingbare drang om te reageren zijn waargenomen. Sommigen willen mij corrigeren. Of bedanken. Of prijzen. De drang om in verzet te komen, het abonnement op te zeggen- wat niet kan. Sommigen besluiten de krant niet meer te lezen, of te boycotten. Er kwaad over te spreken. Te janken of te vloeken. De straat op te gaan om te demonstreren. De politiek de rug toe te keren. Of aan de drugs te gaan. Kwaad spreken over Feyenoord. Breken met de familie. Het haten van planten en groenten. Aantijgen of beschuldigen. Het stopzetten van gedachten. Sprookjes verwerpen. Houden van Donald Trump. Sommigen voederen geen vogels meer. Of gaan de redactie stalken en bedreigen. Of geloven niet meer in Sinterklaas. Of wantrouwen de banken. Of er kruipt een poes op je hoofd. Of te twijfelen aan het nu. Of gepensioneerde uitvreter te worden.

Categorieën: Columns, Joop Hoek
Tags: , , , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

2 reacties op Het jaar 2019 – dag 242 – eetbewaking

  1. Ruud van Bokhoven schreef:

    Een prachtig stuk weer dit keer en vooral om de verdwenen klapdeurtjes.
    Zelf heb ik ook zoiets meegemaakt in India waar ik ging eten in het restaurant van het hotel.
    Ik had zonder het te weten een tafelober, iets wat ik in dit land totaal niet verwachtte.
    Tijdens mij eten stond hij achter een pilaar schuin voor mij en gluurde regelmatig naar mij, had ik een paar scheppen van mijn bord genomen, kwam hij spoedig aangesneld om mijn bord weer aan te vullen.
    Ik werd er gek van, ging erover tekeer na de zoveelste opschepbeurt en de hoofdober kwam ter plaatse.
    Na mijn beklag werdt mijn ober verwijderd en kon ik rustig eten.
    Hoe het eten smaakte ben ook ik vergeten door deze ober, maar het verhaal ken ik nog goed ondanks dat het in 1992 was.

  2. Hemasa schreef:

    The Boeddha onderwees de middenweg:

    Reflecting carefully I use this food
    Not for pleasure
    Not for indulgence
    Not for beautification
    But for maintaining this body for keeping unharmed
    To live the holy life
    So that former feelings of hungry are destroied
    And new feelings of overeating do not arise
    That there may be a lack of bodily comfort and bodily discomfort.
    Sadhoe Sahdoe Sahdoe

Menu