Vorige week vrijdag zag ik in Dewerelddraaitdoor, een van mijn favoriete tv-programma’s waardoor ik de volgende dag geestelijk weer aankan en niet hoef te denken aan die verschrikkelijke Trump en andere malloten die menen het recht te hebben om de wereld en de mensen daarop te verzieken en te vernietigen. De Wereld is voor mij een huiskamer met fijne vrienden en heerlijke muziek. U mag er gerust anders over denken.

In die uitzending vertelde een vrouw over het grote verdriet dat zij heeft na het doodgaan van haar hond, nu dertien maanden geleden. Toen zij vertelde dat haar verdriet weinig begrip ondervond bij de buitenwacht- goh, je bent nu al zo verdrietig, hoe zal het niet zijn als een mens in jouw omgeving sterft, zag je hoe ze met moeite haar tranen onderdrukte.

Blijkbaar mag je niet te lang verdrietig zijn om het heengaan van je hond. Zijn er prioriteitenlijstjes met een schaal van verdriet. Een hond: vier dagen, oma: drie weken, je ouders: een maand (enkele dagen verlof in de cao vastgelegd). Worden mensen in je omgeving pissig als je na enkel dagen nog rouwt om de dood van je huisdier waar je zoveel mee gedeeld hebt.

Ik begrijp haar rouwproces wel. Mijn eigen  zieke hond kreeg in 1984 van een dierenarts een spuitje toen ik in het ziekenhuis lag. Anderen brachten Quintus naar de kliniek en begroeven hem erna in een bos. Ik was er niet bij toen hij stierf, helaas. Wat zou hij gedacht hebben: baas laat mij in de steek?

Eenmaal thuis ging ik maandenlang om een uur of elf ‘s avonds naar buiten om de route te lopen die ik dagelijks met mijn hond liep. Dat was mijn manier van rouwververwerken. Nu nog, na al die jaren geleden, zie ik mijn hond voor me. Denk nog heel vaak aan hem. Hoe ik hem als pup van zes weken kreeg en met hem opgroeide. Hoe we door de polders, grienden en bossen trokken, hij en ik. Hoe hij zonder te klagen in vol vertrouwen mee verhuisde naar dorpen en steden. Hoe ik voor hem zorgde als hij ziek was, hem waste als hij door smurrie had gerold. Hem toe moest spreken als hij, wachtend in de auto, mijn boodschappen had opgevreten. Boos en ongerust op hem was als hij de benen nam en een nacht wegbleef om dan weer heel schuldig terug te keren. Het plezier dat ik met hem had als hij mee ging op vakantie. Mijn kinderen die bij hem in de mand kropen. Het zijn zoveel herinneringen. We waren twee vrienden.

Moedig voorwaarts!

BIJSLUITER: het lezen van deze columns kan leiden tot groot geestelijk ongemak, heimwee naar Chef,  de Kloosterbunker, Bunkerstad, woedeaanvallen, depressies, onbeheerst gedrag, angstaanvallen, maagzuur, zweten, ongeloof, twijfel aan eenieder, straatvrees, lange tenen en het geloof in het eigen gelijk. Bij de lezers. Scheldpartijen en een onbedwingbare drang om te reageren zijn waargenomen. Sommigen willen mij  corrigeren. Of bedanken. Of prijzen. De drang om in verzet te komen, het abonnement op te zeggen- wat niet kan. Sommigen besluiten de krant niet meer te lezen, of te boycotten. Er kwaad over te spreken. Te janken of te vloeken. De straat op te gaan om te demonstreren. De politiek de rug toe te keren. Of aan de drugs te gaan. Kwaad spreken over Feyenoord. Breken met de familie. Het haten van planten en groenten. Aantijgen of beschuldigen. Het stopzetten van gedachten. Sprookjes verwerpen.

 

Categorieën: Columns, Joop Hoek
Tags: , , , , , ,

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

2 reacties op Het jaar 2017 – de driehonderdendrieenvijftigste dag – hondrouw

  1. G.J. Smeets schreef:

    Waf! Waf waf. Grrrafwafwaf, wafwafwafwaf.

  2. Michel Ball schreef:

    Hup Joop !

Menu