Deze vaak gehoorde uitspraak suggereert dat waarheid een subjectieve aangelegenheid zou zijn, en dat ieder zijn eigen waarheid erop na mag houden. Bovendien gaat van deze uitspraak de suggestie uit dat er niet zoiets bestaat als universele waarheden; waarheden die voor alle mensen en voor alle tijden gelden. Beide aannames zijn echter onwaar. Laten we eens gaan kijken wat ‘waarheid’ eigenlijk betekent.

Een uitspraak, idee, voorstelling of leer is waar, wanneer zij in overeenstemming is met de werkelijkheid;
Een uitspraak etc. is waar, wanneer zij de werkelijkheid accuraat beschrijft.

De werkelijkheid is zoals zij is. We kunnen de werkelijkheid accuraat waarnemen, of we kunnen haar door een emotionele bril waarnemen waardoor de feiten meer of minder geweld worden aangedaan. Op zijn minst zorgen emoties ervoor dat een groot deel van de werkelijkheid ‘uitgefilterd’ wordt. Intellectuele onrijpheid en emotionele onevenwichtigheid brengen met zich mee dat de werkelijkheid niet op een holistische, omvattende manier wordt waargenomen. Hetzelfde gebeurt wanneer er economische belangen in het spel zijn: de werkelijkheid wordt dan door een filter waargenomen, waardoor belangrijke aspecten van de werkelijkheid buiten beschouwing blijven. Ook kunnen deze ervoor zorgen dat de werkelijkheid op een vertekende, verdraaide of verwrongen manier wordt beschreven. De uitspraken die zo ontstaan zijn dan ook per definitie niet helemaal waar, of helemaal niet waar.

Wanneer er dan beweerd wordt dat iedereen het recht heeft om een dergelijke persoonlijke visie van de werkelijkheid aan te hangen of te propageren, dan kan het zicht op de werkelijkheid zoek raken: zij wordt bedolven door een wirwar aan persoonlijke, emotionele, door economisch belang gestuurde gezichtspunten.

Wanneer persoonlijke gezichtspunten gelijk gesteld worden aan waarheden, dan treedt er een soort inflatie van het begrip ‘waarheid’ op. Niet langer wordt het gereserveerd voor een adequate beschrijving van de werkelijkheid, maar wordt het begrip ‘waarheid’ meer en meer gebruikt om persoonlijke, emotioneel gestuurde gezichtspunten aan te duiden.

Persoonlijk ding

Zo is de uitspraak in omloop gekomen: ‘Iedereen heeft zijn eigen waarheid, iedereen heeft recht op zijn eigen persoonlijke waarheid.’

Het moge duidelijk zijn dat deze ‘filosofie’ op zijn minst gezegd verwarrend werkt. Het maakt van de waarheid een persoonlijk, haast willekeurig ding. Zij zorgt ervoor dat de oorspronkelijke betekenis van het woord ‘waarheid’ overschaduwd en verduisterd wordt. In zekere zin maakt zij het begrip waarheid zelfs verdacht. We merken immers dagelijks, dat ideeën die als waarheden verkondigd worden, uiteindelijk niet helemaal waar of zelfs helemaal niet waar zijn. Zo verliest het begrip ‘waarheid’ geleidelijk aan zijn waarde en zijn waardigheid. Waarheid wordt gezien als iets persoonlijks en iets relatiefs … alles is relatief, zegt men dan. Een internationale devaluatie van de waarheid is dan het resultaat, met alle gevolgen van dien.

Laten we daarom terugkeren tot de eenvoudige, ware, eeuwige en universele definitie van het begrip ‘waarheid’: Waarheid is de adequate beschrijving van de werkelijkheid. Het mooie van de werkelijkheid is dat zij het toelaat om vanuit een oneindig aantal gezichtspunten te worden waargenomen. De werkelijkheid heeft oneindig veel aspecten en oneindig veel niveaus. Dit hoeft ons niet in verwarring te brengen.

Wanneer we eenmaal inzien dat alles wat bestaat een ‘zijnsvorm’ is – een vorm waarin het zijn zich manifesteert – dan verliezen we de eeuwige waarheid niet uit het oog dat de complexe waarneembare werkelijkheid de manifestatie is van datgene, dat eeuwig, onveranderlijk en absoluut eenvoudig is: het zijn.

De werkelijkheid is dus tegelijkertijd oneindig complex en absoluut eenvoudig. Het ene, onveranderlijke, absolute, goddelijke, eenvoudige en abstracte zijn manifesteert zich in de vele oneindig complexe niveaus van de concrete werkelijkheid. Het simpele symbolische Sanskriet woordje ‘Om’ drukt deze waarheid mooi uit: De werkelijkheid bestaat fundamenteel uit twee niveaus: onmanifest en manifest, abstract en concreet, absoluut en relatief, onveranderlijk en veranderlijk, onzichtbaar en zichtbaar, zijn en worden, eeuwig en tijdelijk, onsterflijk en sterflijk. De ‘O’ van Om staat natuurlijk voor het onmanifeste, het nulpuntveld, het abstracte zijn. De ‘m’ van Om staat natuurlijk voor het manifeste, het materiële, de matrix, moeder natuur. De ‘m’ beeldt ook mooi de ‘ups’ en ‘downs’ van het relatieve bestaan uit.

Wanneer verschillende waarnemers zich bewust zijn van deze twee niveaus van de werkelijkheid, dan kennen beide de gemeenschappelijke, universele en onveranderlijke essentie van de werkelijkheid – het zijn.

Het is de bedoeling van het leven zelf, dat alle mensen zich bewust worden van het universele zijn. Alleen het bewustzijn van het eeuwige zijn maakt ons geestelijk gezond en uiteindelijk ook geestelijk volwassen. Dan pas worden we human beings in plaats van human doings.

In de lucht hangen

Zonder het zijn te kennen – dat letterlijke de essentie van de werkelijkheid is – blijven alle uitspraken, waar of onwaar, in de lucht hangen, ontberen een onveranderlijke en interpersoonlijke basis. Aan de andere kant is het zo, dat wanneer twee mensen zich levendig bewust zijn van het alomtegenwoordige zijn – ook al zijn zij opgegroeid in uiterst verschillende culturen – dan zullen hun beschrijvingen van de werkelijkheid elkaar altijd aanvullen en met elkaar harmoniëren. Gewoon omdat beide gevestigd zijn in dezelfde uiteindelijke waarheid. (die de uiteindelijke werkelijkheid is)

Wat men met de in de titel van dit essay genoemde uitspraak over de waarheid eigenlijk bedoelt is het volgende: iedereen beziet de werkelijkheid per definitie vanuit zijn eigen unieke gezichtspunt. Iedereen is vrij om uitdrukking te geven aan zijn of haar gezichtspunt, aan zijn of haar waarneming van de werkelijkheid. Iedereen is vrij om zijn of haar visie op de werkelijkheid tot uiting te brengen, en bovendien is iedereen vrij om zijn of haar persoonlijke mening daaraan te hechten.

Zo gesteld klopt de uitspraak natuurlijk wel; zo opgevat is de uitspraak waar. Het is echter niet zo dat elke persoonlijke mening in overeenstemming is met de werkelijkheid: niet elke mening beantwoordt aan de werkelijkheid.

Met andere woorden: niet elke persoonlijke mening reflecteert de waarheid. De werkelijkheid heeft oneindig veel facetten, en van nature beziet ieder individu de werkelijkheid vanuit zijn of haar eigen gezichtspunt. Maar we dienen een mening niet te verwarren met waarheid. Of zoals Plato het uitdrukte: We horen ‘doxa’ strikt te onderscheiden van ‘aleteia’. Doxa staat voor persoonlijke mening; Aleteia staat voor transpersoonlijke waarheden.

Door in onze geest en in ons intellect een strikte scheiding aan te houden tussen persoonlijke meningen aan de ene kant – daaronder vallen vermoedens, geloof, waarschijnlijkheden – en aan de andere kant zekerheden, waarheden – dingen die intersubjectief vast staan – , dan ontwikkelen we ons in sneltreinvaart naar geestelijke gezondheid en geestelijke volwassenheid. In dit licht kunnen we de uitspraak van Sir Isaak Newton goed begrijpen en waarderen: ‘I shall not mingle certainties with conjectures’ – ‘Ik zal zekerheden strikt gescheiden houden van vermoedens.’ Dit is zo iets wezenlijks dat je zelfs zou kunnen stellen, dat omdat deze man dat van jongs been af gedaan heeft, hij tot diepe inzichten in de werkelijkheid is gekomen. Hij heeft enkele universele waarheden aan het licht gebracht. Deze wakkere innerlijke houding is de essentie van een geestelijke en intellectuele hygiëne, zou je kunnen zeggen. Iets waarvan de waarde nog niet echt is doorgedrongen in het collectieve bewustzijn van de mensheid.

We horen duidelijk in te zien, dat de waarheid of onwaarheid van een idee of uiting, niet bepaald wordt door een persoonlijke mening van deze of gene, maar door de werkelijkheid als zodanig. Als we gaan stellen dat ieder zijn eigen waarheid heeft, dan bewerkt dat een soort inflatie van het begrip waarheid, zou je kunnen zeggen. De hele bedoeling van ‘wetenschap’ – een benadering van de werkelijkheid die op precieze, systematische en intersubjectieve waar-neming van de werkelijkheid berust – is om tot ware inzichten in de werkelijkheid te komen: kennis die niet afhankelijk is van persoonlijke meningen of standpunten, maar die voor alle mensen waar is.

Daarom is wetenschap in beginsel een hoogstaande, hoog ontwikkelde bezigheid. Zij probeert de waarheid over van alles en nog wat aan het licht te brengen. Zij probeert diep door te dringen in de concrete werkelijkheid, en zij zal niet rusten voordat zij de abstracte essentie ervan aan het licht heeft gebracht. Zij wil de ‘O’ van de ‘m’ leren kennen: de Oorsprong van alle energie en materie. Haar streven is het om de werkelijkheid volk-om-en te doorgronden. Zij streeft ernaar om de uiteindelijke waarheid aan het licht te brengen.

Spirituele bezigheid

Als zodanig is wetenschap een spirituele bezigheid. Grote wetenschappers hebben dit ook altijd beweerd. Het kennen van de uiteindelijke werkelijkheid betekent dan ook niets anders dan het kennen van de uiteindelijke waarheid.

Waarheid staat dus in feite voor ‘dat wat werkelijk is’. Uiteindelijk is het begrip ‘waarheid’ een synoniem voor het begrip ‘werkelijkheid’. Dat wat waar is, is werkelijk, en dat wat werkelijk is, is waar. Waarheid valt dus niet in het domein van meningen en persoonlijke visies.

Meningen, vermoedens, verwachtingen, gissingen, geloof, hoop etc. vallen in het domein van de geest, de mind in het Engels, of manas in het Sanskriet. Kennis, weten, inzicht vallen in het domein van de ziel, waar ons intellect en ons geweten huizen. Wetenschap – ware wetenschap – komt dus voort uit de ziel, uit een innerlijke inspiratie, uit een verlangen de werkelijkheid te doorgronden. Wetenschap houdt zich bezig met wat (werkelijk) is, en komt daarom vanzelf terecht bij de essentie van de werkelijkheid, het universele zijn, het nulpunt veld, het verenigde veld van alle energie- en materievelden.

De wetenschap – en daarmee de gehele mensheid – staat op het punt de essentie van de werkelijkheid aan het licht te brengen.

Wetenschappers en ook alle andere mensen horen in te zien dat het zijn niet slechts een filosofisch begrip is maar dat het zijn echt bestaat.

Het materialistische wereldbeeld zal daardoor uitgebreid en gecorrigeerd worden met het inzicht in het onveranderlijke, onpersoonlijke, transcendentale, universele zijn. Door diep in de ‘m’ (materie) te duiken komt men automatisch bij de ‘o’ terecht, de oorsprong. Dan leert de mensheid de uiteindelijke werkelijkheid kennen en daarmee de uiteindelijke waarheid. Dan leren we in te zien dat waarheid niets persoonlijks is. Integendeel: door de waarheid over dit of dat in te zien, stijgen we boven onze persoonlijkheid uit, en komen we terecht in een trans-persoonlijk niveau van ons bewustzijn. Dan wordt het begrip waarheid weer in ere hersteld, en gaan we een strikte scheiding aanbrengen tussen persoonlijke meningen en intersubjectieve, internationale, interculturele en universele waarheden.

Met het inzicht in het zijn als zodanig, leren we het materialistische wereldbeeld te transcenderen. Daar het zijn universeel en alomtegenwoordig is, wordt ons wereldbeeld, wanneer we het op het zijn baseren, echt universeel en compleet. Met het verwerven van inzicht in de uiteindelijke werkelijkheid – de uiteindelijke waarheid – worden we geestelijk gezond en geestelijk volwassen.

Moeiteloos oplossen

In deze verruimde bewustzijnstoestand zullen we in staat blijken te zijn de problemen die de ‘duizendkoppige draak’ van onwetendheid voortbrengt, moeiteloos op te lossen. De gewone waaktoestand is nu eenmaal niet bij machte de essentie van de werkelijkheid in te zien. De waaktoestand heeft nu eenmaal geen sensoren voor de uiteindelijke waarheid, en kent daarom uitsluitend relatieve waarheden. De gangbare waaktoestand van bewustzijn ziet alleen verschillen en heeft geen oog voor de alomtegenwoordige gemeenschappelijke essentie van alles en iedereen. De beperkte visie van de waaktoestand heeft dan ook geen oog voor universele waarheden en universele waarden die voor alle mensen en in alle tijden gelden. Dit is de uiteindelijke oorzaak van alle verdeeldheid en van alle problemen waarmee de mensheid worstelt. Omgekeerd voert de bewustwording van de uiteindelijke werkelijkheid, de bewustwording van de uiteindelijke waarheid, tot de oplossing van alle problemen.

De mens is niet ontworpen om eeuwig in de beperkte waaktoestand met zijn bijbehorend materialistische wereldbeeld te blijven. De mens is van nature op zoek naar adequate en complete kennis van de werkelijkheid. De mens is van nature op zoek naar de waarheid, en zal niet rusten voordat hij de uiteindelijke waarheid ontdekt heeft.

Frans Langenkamp is antropoloog. Na zijn HBS-B opleiding studeerde hij culturele en sociale antropologie aan de universiteit van Nijmegen. Hierin was hij voornamelijk geïnteresseerd in de wijsheid van het oude India en specialiseerde hij zich in vergelijkende godsdienstwetenschappen. In 1986 legde hij het doctoraalexamen cum laude af. Reeds in 1974 kwam Langenkamp in aanraking met verschillende vormen van spiritualiteit, waaronder Vedanta. Vedanta is de filosofie die de eenheid in alle verscheidenheid onderwijst. Begin jaren ’80 was hij enige jaren actief als meditatieleraar in Rotterdam. Sinds oktober 1982 legde hij zich nog intensiever toe op filosofische en spirituele studie – gekoppeld aan meditatie en yogabeoefening – door te gaan studeren aan een internationale vedische universiteit. In dit kader verbleef hij jarenlang in het buitenland waaronder India, Rusland, West-Afrika, Filippijnen en de Verenigde Staten.

Categorieën: Achtergronden
Tags:

Ochtend- of avondeditie

We hebben een gratis mailinglijst.
Abonneer je op onze ochtend- of avondeditie

7 reacties op ‘Iedereen heeft zijn eigen waarheid’

  1. G.J. Smeets schreef:

    “De mens is niet ontworpen om eeuwig in de beperkte waaktoestand met zijn bijbehorend materialistische wereldbeeld te blijven. De mens is van nature op zoek naar adequate en complete kennis van de werkelijkheid. De mens is van nature op zoek naar de waarheid, en zal niet rusten voordat hij de uiteindelijke waarheid ontdekt heeft.”

    Het lijkt me wel wat om ‘de mens’ in bovenstaand citaat te vervangen door ‘Frans Langendijk’.

  2. Kay schreef:

    Deze reactie is verwijderd omdat er niet wordt ingegaan op het artikel.

  3. Piet Nusteleijn schreef:

    Dank voor deze omschrijving van de werkelijkheid. Het is duidelijk niet de werkelijkheid/waarheid. Die is niet “in zijn geheel” te omschrijven. Alle hulde voor de persoonlijke pogingen tot het geven van omschrijvingen.
    Achter een paar zinnen zet ik vraagtekens.
    “Het is de bedoeling van het leven zelf…..” (?)
    “We horen duidelijk in te zien…..” (?)
    “Ware wetenschap komt dus voort uit de ziel….” (?)
    “De mens is niet ontworpen om….” (?)
    Met groet.

  4. Kay schreef:

    Alle creatieve grote personen zoals Jesus, Mohammed, Buddha en anderen laten zien dat er 2 kanten aan de werkelijkheid zitten, tijdelijke en tijdloze, persoonlijke en onpersoonlijke e.d. In de loop van de tijd muteren noodzakelijker wijze de exacte betekenis van het gedachtegoed en geschriften die tot een tijd behoren. Het menselijk bewustzijn verandert voortdurend, het verdeeld en stelde steeds weer opnieuw samen. Daarom is het van weinig belang wat de mensen en geschriften van een bepaalde tijd vonden, als dat al mogelijk zou zijn.

  5. kees moerbeek schreef:

    Tja Kay, je beweert dat communicatie onmogelijk is, omdat het menselijk bewustzijn voortdurend verandert. Curieus :-(

  6. Jacco schreef:

    Vreemd zeg, hoe sommigen zich aan de ene kant met grote regelmaat bezig houden met het beschouwen van en debatteren over ‘wijsheid gerelateerde zaken’, ‘bewustzijn’, Boeddhisme en meer van al dat, en anderzijds meestal gaan steigeren wanneer het onderwerp ‘waarheid’ om de hoek komt kijken. En temeer (vreemd) wanneer zoiets gebeurd op een Boeddhistisch forum.

    Het Boeddhisme ‘zegt’ namelijk ook het een en ander ten aanzien van het zeer wezenlijke verschil tussen de begrippen ‘absolute waarheid’ en ‘relatieve waarheid’. Naar mij al dan niet bescheiden weten is het zelfs zo dat alle vermeende kennis omtrent ‘wijsheidsleer’ (waaronder de Boeddhistische) en/of ‘filosofie’ in wezen weinig tot niets voorstelt (ten opzichte van de oorspronkelijke inzichten die achter dezelfde geschriften schuilgaan) wanneer de essentiële verschillen tussen die beide begrippen niet (in zekere mate) worden begrepen (of het mogelijke bestaan van zo’n verschil ten aller minste worden erkend en beschouwd). Dat wezenlijke verschil raakt in wezen eenvoudigweg aan de kern van nagenoeg alle oorspronkelijke ‘wijsheidsleer’. En zonder beschouwing van dat gegeven wordt zelfs zoiets als ‘meditatie’ weinig meer dan een methode om de drukke geest wat tot rust te laten komen. Op zich prima natuurlijk, maar met wijsheid of Boeddhisme heeft het vanaf daar weinig tot niets meer van doen.

    Dat is verder geen aantijging aan het adres van allen die het (meditatie) voor een dergelijk doel wensen aan te wenden, maar wel (mede) iets waardoor zoiets als het Boeddhisme wordt vermaakt tot weinig meer dan een ‘religie’ en/of iets waaraan mensen hun identiteit(kunnen) ontlenen, in plaats van een pad dat tot zoiets als ‘verlichting’ of dieper inzicht en groter begrip doet leiden. En wel best jammer ook dat het forum op een medium dat bedoelt is om te ontwarren en ontwikkelen zodoende vooral wordt vermaakt tot een plaats waar enkelen voornamelijk hun ego komen voeden en/of hun vermeend Boeddhistische en/of spirituele autoriteit betrachten te etaleren.

    En voor het eventuele geval dat er zich onder de vlijtige reageerders mensen bevinden die zich door mijn woorden onheus bekritiseerd vermenen, verzoek ik diegenen bij deze vriendelijk mijn geest te verlichten en verhelderen door mij te helpen begrijpen wat het precieze doel van hun reageren op dit forum dan wel precies is. En vanzelfsprekend zou ik in dat eventuele geval desgewenst ook zelf tot hetzelfde bereid zijn om aldus te bezien of we hier gezamenlijk kunnen komen tot het aanwenden van dit forum waartoe het bedoelt zou zijn.

    Voor nu verder nog het volgende:

    Beste G.J. en Piet,

    Misschien is hetgeen waarop jullie commentaar hierboven gericht lijkt te zijn toch echt niet zo heel gek of onzinnig gesteld door Frans Langenkamp hoor. Zoals ik de artikelen van Frans lees gaat hij er (o.a.) vanuit dat hetgeen dat kan worden benoemd middels het woord of begrip ‘bewustzijn’ de aard of eigenschap heeft dat het zich immer wil ontwikkelen. En mocht ik dat inderdaad juist verstaan, is dat m.i. een geenszins vreemd uitgangspunt. Dat is in wezen niets anders dan inzien dat er een enigerlei iets is waardoor kinderen de vrij algemene natuur hebben zich te verwonderen en te willen leren. Of waardoor het universum zich voortdurend uitdijt. Of waardoor het leven op aarde zich tot haar enorme variëteit en vernuft heeft kunnen ontwikkelen (en dat nog altijd doet voor zover het zich houdt aan de universele natuurwetten).

    En beste Kay,

    Het is m.i. zeer twijfelachtig of er zoiets bestaat als ‘het menselijk bewustzijn’. Wat jij hierboven schrijft doet mij denken aan een grapje dat ik eens hoorde, te weten “Help, de waarheid verandert steeds”.

    Uiteraard is het echter niet ‘de waarheid’ zelf die veranderd, maar alleen (bijvoorbeeld) ons eventuele begrip of bewustzijn ervan. En daarnaast is het aantal perspectieven van waaruit je ‘de waarheid’ kunt beschouwen oneindig veranderlijk. Maar als je het even rustig overdenkt of beschouwd zijn ‘zaken’ die gezien ‘moeten’ worden als absolute of universele waarheid (bijvoorbeeld de oneindige cycli van ‘leven en dood’, of van ‘geboorte en wedergeboorte’, of van ‘ontstaan en vergaan’) en/of hetgeen dat we zouden kunnen verwoorden met een term als kosmisch of allesomvattend bewustzijn ‘zelf’ niet aan verandering onderhavig. Het (fenomeen!!!) ‘leven’ is eenvoudigweg dat; leven. En dat kan nooit en te nimmer meer of minder of ‘iets anders’ worden. Verschijningsvormen ervan uiteraard wel, maar dat is iets anders dan het fenomeen op zich. Net zo goed is ‘alles’ eenvoudigweg ‘alles’, dat verandert nooit, zelfs niet als (bijvoorbeeld) de inhoud of omvang ervan verandert. Het totaal is eenvoudigweg het totaal, en oneindig keer twee is nog steeds oneindig (of een onzinnige rekensom).

    En om dergelijke redenen schreef ik ‘moet’ hierboven overigens tussen aanhalingstekens. Want ach, het ‘moet’ natuurlijk niet, maar als je het even wel bedenkt zou de betreffende term (absolute waarheid) anders eenvoudigweg geen betekenis meer hebben en is het derhalve zelfs onzinnig om te zeggen dat het niet bestaat. Dan zeg je namelijk eenvoudigweg niets. C.q. dan praat je onzin.

    Dat alles gezegd hebbende kom ik nu nog even terug op de gedachte dat er zoiets bestaat als ‘het menselijk bewustzijn’. Op zich is dat net zoiets als de gedachte dat er zoiets bestaat als ‘het bewustzijn van een aapje’, of ‘het bewustzijn van klaprozen’, of ‘een enigerlei (desgewenst veranderlijk) aantal druppels in de zee’. Of anders gezegd een oeverloze dan wel totaal onzinnige neiging om iets te benoemen dat niet vaststaat en nooit vast kan staan. En vanaf daar probeer je als je niet uitkijkt al snel (aan de ene kant) iets in een hokje te stoppen dat je (aan de andere kant) zegt te willen ontwikkelen. Dat is zoiets als gas geven en remmen tegelijk. En nee, je zal mij niet horen zeggen dat ik gevrijwaard ben van dergelijke menselijke neigingen. Wel is het zo dat er o.a. door het niet in mijzelf ontkennen (en vanaf daar steeds beter leren kennen van) dergelijke menselijke neigingen bij mijzelf op enig moment wat kwartjes bij me zijn gevallen aangaande het wezenlijke verschil tussen relatieve en absolute waarheden. En dat wens ik (waarschijnlijk net zoals Frans Langenkamp) eenieder die zich bezig houdt met Boeddhisme van ganser harte toe. Nogmaals; (ook) het Boeddhisme ‘zegt’ daarover echt niet voor niets het een en ander.

    En tot slot aan eenieder die nog niet is afgehaakt:

    Beste Allen,

    Ook hier wordt geregeld gewezen op eenieders recht op zijn of haar mening. Een groot goed uiteraard, leven in een land met het recht op vrije meningsuiting. Om daar als samenleving de vruchten ten volle van te kunnen plukken, steeds verder op weg naar waarden die rekening houden met alle levende wezens op aarde, iets waar ook het Boeddhisme zich voor ‘zegt’ hard (hart) te maken, is het (m.i. naar alle waarschijnlijkheid) wel van uitermate groot belang dat wij met ons allen inzien dat dit niet betekent dat onze mening er altijd evenveel toe doet als die van iemand anders. Tenminste, als wij ons wensen te ontwikkelen als individuen en als samenleving en als wij waarlijk in een wereld willen leven waarin steeds minder sprake is en kan zijn van leed door toedoen van allerhande menselijke invloeden, direct en/of indirect.

    Uiteraard moeten wij allen onze mening kunnen uiten, maar wat is zoiets waard als steeds minder mensen ook daadwerkelijk oor hebben voor de mening van die anderen en/of voor hetgeen er achter die mening schuilt, of dat nu enigerlei vorm van leed is of enigerlei vorm van dieper inzicht. Als wij de meningen van onszelf en enigerlei ander niet keer op keer diepgaand beschouwen en het vervolgens het gesprek aangaan middels zinnige / zinvolle rede, waar kan dat grote goed van vrije meningsuiting dan ooit toe leiden…? Is ‘leren’ niet vooral inzien wat we nog niet zeker weten..? En zou het ons ontwikkelen als samenleving of mensheid niet vooral vallen of staan met het erkennen van wat er allemaal ‘fout’ gaat in onze vermeende beschavingen, c.q. er van alles en nog wat kan bestaan binnen diezelfde mensheid dat slechts en alleen middels hypocrisie gezien kan worden als ‘menselijk’ en/of ‘wenselijk’…? Klagen de meesten van ons allen niet nagenoeg dagelijks in meer of mindere mate over van alles en nog wat…? En zouden dergelijke zaken (die ik hier even lukraak bedoel te benoemen) echt niets met elkaar van doen hebben…? En zou het echt zo zijn dat wij aan van alles en nog wat dienaangaande niets kunnen doen als wij oprecht en eerlijk naar onszelf en elkaar zouden zijn en we het verder alleen maar hard genoeg zouden willen…? En als wij ons (bijvoorbeeld hier) wensen te mengen in discussies zijn wij dat dan niet naar onszelf en elkaar verplicht als wij het woord Boeddhisme of Boeddhist in de mond durven te nemen…?

    Zijn ‘wij’ echt oprecht en naar beste eer, geweten alsook persoonlijk vermogen bezig ons ongeacht wat we verder ook doen en/of zijn qua werk en overtuiging in te zetten voor een eerlijkere wereld voor en omwille van alle levende wezens…? En maakten wij in ons land niet lange tijd spottende grapjes over Duitsers die ‘het niet wisten’…? Doen wij als Nederlanders het vandaag de dag echt zoveel beter dan dat…? En zo ja, weten wij dat echt heel erg zeker…? Weten wij zeker welke kant we de komende 10 a 20 jaar met elkaar op zullen gaan…? Of liever nog de komende 50 a 100…? En waar ander beginnen met ons aller ‘beter weten’ dan hier…?

    Durf kritisch te zijn. Maar nimmer meer naar een ander dan naar uzelf. Waarom niet…? Bedenkt u zich a.u.b. goed waar zoiets wel en niet toe zal kunnen leiden als allen dat (niet) zouden doen.

    En Heren reageerders alhier; hebt u echt alles begrepen wat (in dit geval Frans Langenkamp) schrijft voordat u het ging becommentariseren / u vond dat u het ermee oneens bent / er zogenaamde vraagtekens bij zette…?

    En nee, mij bent u uiteraard allerminst verantwoording of uitleg verschuldigd in deze. Daarnaast heb ik aan dergelijke vormen van eer geenszins behoefte. Dit alles gaat mij namelijk noch om mij noch om u. Wij allen zijn namelijk slechts tijdelijk en uiterst relatief. Wat wij allen op ieder moment wel en niet doen en laten kan en zal echter wel steeds opnieuw mede bepalend zijn voor waar wij met ons allen en de mensheid heen gaan.

    Met hoopvolle groet.

Menu